In het kort
- Data is goed als je voor elke rij kunt aangeven waar het cijfer vandaan komt, in welke eenheid het stond, welke periode en welke delen van de organisatie het dekt, en welke factor is toegepast.
- De meeste slechte cijfers zijn niet fout berekend, maar beantwoorden een andere vraag dan de vraag die jij stelde.
- Geef elke rij een kwaliteitsoordeel en noteer per rij met welke betere gegevens je het cijfer later vervangt. Zonder die twee dingen weet je niet waar je de inventarisatie moet verbeteren.
Data is goed als je van elke rij in je inventarisatie vijf dingen kunt noemen zonder iets op te zoeken: uit welk document het cijfer komt, in welke eenheid het oorspronkelijk stond, welke twaalf maanden het dekt, welke delen van de organisatie erin zitten en welke emissiefactor is toegepast. Die werkdefinitie geldt voor cijfers die je zelf hebt gemaakt en voor cijfers die je van een ander krijgt. Vooral bij dat laatste is ze belangrijk, want een cijfer van een leverancier, een consultant of een overgenomen dochteronderneming komt zonder die informatie binnen, tenzij je erom vraagt.
Welke kwaliteitscriteria tellen echt?
De Scope 3 Standard van het GHG Protocol noemt in Table 7.6 vijf indicatoren voor datakwaliteit: technologische, temporele en geografische representativiteit, volledigheid en betrouwbaarheid. In de checklist hieronder hebben we die vijf indicatoren zelf omgezet in zeven praktische vragen. Representativiteit hebben we opgesplitst in drie vragen over hoe goed de factor past, en betrouwbaarheid is een vraag geworden over de herleidbaarheid naar een document. Eenheid en consistentie hebben we zelf toegevoegd. De standaard noemt ze niet, maar een fout in de eenheid, of een rij waarin entiteiten verschillend zijn behandeld, is precies het soort fout waar de indicatoren van de standaard op gericht zijn.
| Criterium | De vraag die je stelt | Zo klinkt een zwak antwoord |
|---|---|---|
| Herleidbaarheid | Uit welk document komt deze rij? | "Het kwam uit het systeem" |
| Juiste eenheid | In welke eenheid stond de input, en waarmee is die omgerekend? | "Het stond al in tonnen" |
| Passende periode | Welke twaalf maanden, en hoe oud is de factor? | "Vorig jaar" |
| Passend land | Welk elektriciteitsnet of welke factorenset van welk land is gebruikt? | "We hebben de standaardfactor gebruikt" |
| Passende technologie | Beschrijft de factor deze activiteit of een gemiddelde voor de hele categorie? | "Die kwam er het dichtst bij" |
| Volledigheid | Welke entiteiten en locaties zitten erin, en welke niet? | "Allemaal" |
| Consistentie | Is elke entiteit op dezelfde manier behandeld? | "Elke locatie deed het op haar eigen manier" |
Geen van deze criteria gaat over precisie. Ze gaan over de vraag of iemand het cijfer kan uitleggen. Een grof cijfer met een goede uitleg is bruikbaar, een precies cijfer zonder uitleg niet.
Hoe beoordeel je een cijfer dat je van een leverancier krijgt?
Stel de leverancier de volgende vijf vragen, in deze volgorde. Je kunt ze in één e-mail versturen.
Welk deel van de organisatie dekt het cijfer? Het kan gaan om het hele bedrijf, één juridische entiteit, één locatie of één productlijn. Leveranciers sturen vaak een cijfer voor de hele groep terwijl je naar één fabriek vroeg.
Over welke periode gaat het? Vraag om een begin- en einddatum, niet alleen om een jaartal.
Welke scopes zitten erin, en welke methode is voor scope 2 gebruikt? Location-based en market-based geven verschillende uitkomsten voor dezelfde elektriciteit. Een scope 2-cijfer zonder vermelding van de methode kun je nergens bij optellen.
Welke factorenset is gebruikt, en uit welk jaar? Als de leverancier een databasenaam en een versiejaar kan noemen, is het cijfer waarschijnlijk betrouwbaar. Weet niemand het, behandel het cijfer dan als een schatting.
Wie heeft het cijfer gecontroleerd, en hoe? Het kan door de leverancier zelf gerapporteerd zijn, intern beoordeeld of extern geverifieerd. Alle drie zijn aanvaardbaar, maar het is niet aanvaardbaar als de leverancier niet weet welke van de drie het is.
Het meest voorkomende probleem is geen rekenfout, maar een cijfer dat een andere vraag beantwoordt. Denk aan een productvoetafdruk die wordt aangeleverd als antwoord op een vraag over het hele bedrijf, een intensiteitscijfer per euro omzet dat als absoluut totaal wordt gepresenteerd, of één scope 3-categorie die wordt gepresenteerd als de volledige scope 3. Krijg je veel van zulke cijfers, lees dan ons artikel over wat klanten redelijkerwijs mogen vragen. Dat helpt zowel als je zelf cijfers opvraagt als wanneer je vragen van klanten beantwoordt.
Aan welke signalen zie je dat een cijfer niet klopt?
Let op zes signalen. Elk ervan controleer je in ongeveer een minuut.
Er staat geen periode op het document. Dit ontbreekt het vaakst, en zonder periode kun je het cijfer niet vergelijken met andere jaren.
Er staat een totaal zonder afbakening. Als het document niet noemt welke entiteiten erin zitten, heeft iemand die keuze gemaakt zonder het jou te vertellen.
Scope 3 staat als één getal, zonder uitsplitsing per categorie. Meestal zijn dan één of twee categorieën berekend en is de rest zonder vermelding weggelaten.
Het totaal is verdacht rond. Echte inventarisaties komen niet precies uit op honderdtallen. Een afgerond getal in een samenvatting is prima, maar vraag dan naar het onderliggende cijfer.
De uitstoot is gedaald zonder dat er een project achter zit. Vraag wat er fysiek is veranderd. Als de daling komt door een betere rekenmethode of door een overstap naar een andere leverancier, gaat het om een herberekening en niet om een echte reductie.
Het cijfer is precies gelijk aan dat van vorig jaar. Dat kan kloppen, maar vaker is het cijfer van vorig jaar gewoon overgenomen.
Hoe beoordeel je een cijfer dat je eigen team of een consultant heeft gemaakt?
Vraag om vier documenten. Iedereen die dit werk goed doet heeft ze, en het is een normaal verzoek, geen teken van wantrouwen.
Het factorregister. Hierin staat elke gebruikte factor, de database waar die uit komt, het versiejaar en de rijen waarop de factor is toegepast.
De lijst met uitsluitingen. Hierin staat wat is weggelaten en waarom. Staan er geen uitsluitingen op de lijst, dan heeft niemand goed gekeken, want elke inventarisatie laat iets weg.
Het overzicht van schattingen. Hierin staat welke rijen zijn geschat, op welke basis, en welke gegevens de schatting later moeten vervangen.
Eén rij die van begin tot eind is uitgewerkt. Kies zelf een categorie en vraag om de berekening van het brondocument tot de gerapporteerde tonnen, met elke omrekening erbij. Van dat ene verzoek leer je meer dan van het hele rapport. Als het grootste deel van je uitstoot in de waardeketen zit, doe je dit het beste voor een categorie uit scope 3.
Moet goede data ook volledige data zijn?
Nee. Wie die twee verwart, gaat twijfelen aan inventarisaties die prima bruikbaar zijn. Volledigheid betekent dat je vermeldt wat je hebt meegenomen en wat niet. Het betekent niet dat al je cijfers precies zijn. Een inventarisatie die aangeeft welke categorieën gemeten, geschat of uitgesloten zijn, is daarom nuttiger dan een inventarisatie die alles met dezelfde zekerheid presenteert. Die tweede ziet er beter uit, maar je leert er minder uit.
Stem bij het beoordelen van een cijfer de grondigheid af op het aandeel in het totaal. Een categorie die maar een klein deel van het totaal uitmaakt, hoef je niet net zo streng te controleren als de categorie waarin het grootste deel van de uitstoot zit. Wie de controle zo verdeelt, laat zien dat hij het vak beheerst. Daarvoor heb je wel een tool nodig die de uitsplitsing per categorie laat zien. Test dat dus bij het kiezen van een tool.
Hoe leg je de kwaliteit vast zodat je er volgend jaar iets aan hebt?
Beoordeel elke rij op het moment dat je hem invoert, niet achteraf. Drie niveaus zijn genoeg: gemeten, berekend uit een fysieke hoeveelheid, of geschat. Sla de beoordeling op bij het cijfer zelf en niet in een aparte notitie, zodat de beoordeling bij de data blijft.
Houd daarnaast een kolom bij die bijna iedereen vergeet: welke gegevens deze rij later moeten vervangen. Bijvoorbeeld "vragenlijst voor de leverancier", "meterstand zodra de tussenmeter er hangt" of "rapport van de vervoerder over het tweede kwartaal". Die kolom is je lijst met verbeterpunten. Daarmee wordt het datawerk van volgend jaar een lijst met prioriteiten, in plaats van dezelfde haastklus als dit jaar.
Rapporteer openlijk welk deel van je data gemeten, berekend of geschat is. Voor een klant is een aandeel gemeten data dat elk jaar groeit een geloofwaardiger signaal dan een totaal zonder enige informatie over de kwaliteit.
Wat doet Hedgehog aan datakwaliteit, en wat niet?
Het platform bevat meer dan 20.000 spend-based en activity-based factoren. Je kunt er ook CO2-data van je eigen organisatie of van leveranciers aan toevoegen, zodat je een rij kunt verbeteren zodra je betere gegevens hebt, zonder hem opnieuw op te bouwen. Omdat je entiteiten, locaties en sites apart beheert, kun je altijd zien wat wel en niet in je inventarisatie zit. Met rollen voor data owners, auditors en managers leg je bij elk cijfer vast wie ervoor verantwoordelijk is. Een AI-gids helpt je bij de inrichting, het uploaden en het rapporteren, en je kunt in de app contact opnemen met menselijke GHG-experts. Een account is gratis en je hebt geen verkoopgesprek nodig. Pro kost vanaf EUR 1.200 per jaar.
Het platform heeft twee beperkingen die belangrijk zijn als herleidbaarheid voor jou voorop staat.
Je ziet niet alle details van een factor. Een klant uit het middensegment schreef in juni 2026 op G2 dat die niet makkelijk kon terugvinden welk nummer en welke database hoorden bij de emissiefactor die voor een post was gekozen. Alleen de naam was zichtbaar. De klant schreef ook dat wij dit aan het oplossen zijn. In dezelfde review, met een score van 3,5 van de 5, staat dat er geen functie is om databronnen te beheren. Is een formeel factorregister voor jou een harde eis, vraag ons dan hoe het daarmee staat voordat je een keuze maakt.
De kwaliteit hangt nog steeds af van de gegevens die je invoert. Een klant uit het kleinbedrijf schreef in augustus 2026 op G2 dat het laden van de data het lastige deel is, en dat alles goed werkt zodra de data erin staat. Geen enkel platform kan data verbeteren die het nooit heeft gekregen. De criteria hierboven zijn beoordelingen die een mens maakt, geen instellingen in een tool.
Deze criteria gelden voor de voetafdruk van een organisatie. Wie het cijfer van één product beoordeelt, krijgt te maken met functionele eenheden, allocatieregels en systeemgrenzen. Dat is LCA-werk, en dat leveren wij als dienst.
Waar begin je?
Neem de grootste rij in je huidige inventarisatie, wie die ook heeft gemaakt, en beantwoord de vragen uit de tabel hierboven voor die ene rij. Kun je drie van die vragen niet beantwoorden, dan weet je wat dit jaar het belangrijkste werk is. Dat levert je meer op dan het hele bestand doorlopen.
Stuur daarna de vijf vragen voor leveranciers naar je twee grootste leveranciers en kijk wat je terugkrijgt. In een gratis account kun je de antwoorden en de onderbouwing bij de juiste rijen bewaren. Je kunt de beoordeling ook samen met ons doen, als onderdeel van footprint consulting.
Bronnen: GHG Protocol Corporate Standard en Corporate Value Chain (Scope 3) Standard, Hedgehog platform, Hedgehog op G2. Gecontroleerd op 27 augustus 2026.
Feiten op deze pagina zijn voor het laatst geverifieerd op 2026-09-17.


