Kennisbank

CO2-software voor toeleveranciers in de automotive

Een OEM vraagt een toeleverancier om een CO2-voetafdruk per onderdeel, en die haal je niet uit de inventarisatie van je bedrijf. Wat elk verzoek vraagt en welke data je voor beide kunt gebruiken. De OEM vraagt om een product carbon footprint per onderdeel en niet om de voetafdruk van je bedrijf.

Start gratis versie Hedgehog Carbon Platform
Start gratis versie Hedgehog Carbon Platform

In het kort

  • De OEM vraagt om een product carbon footprint per onderdeel en niet om de voetafdruk van je bedrijf.
  • Het grootste deel van je emissies zit in ingekochte materialen, vooral metalen. Het energieverbruik van je fabriek is het kleinere deel.
  • CBAM geldt voor de importeur van de betreffende goederen, en pas boven 50 ton per jaar. Importeert je leverancier het metaal, dan merk je CBAM in de prijs en heb je er zelf geen administratie voor.

Een toeleverancier in de automotive krijgt twee soorten verzoeken, en voor elk verzoek heb je een ander document nodig. Autofabrikanten eisen product carbon footprints van hun toeleveranciers: een cijfer per onderdeel, per kilogram of per geleverde eenheid. Dat cijfer haal je niet uit een inventarisatie van je hele bedrijf. Daarnaast sturen klanten scope 3-vragenlijsten, en die vragen juist om cijfers op bedrijfsniveau. Het grootste deel van je emissies zit in ingekochte materialen, vooral metalen. Je stuklijst is daarom je belangrijkste bron van gegevens, en het energieverbruik van je fabriek is het kleinere deel.

Welke verzoeken krijg je, en wanneer?

Je krijgt twee soorten verzoeken, van verschillende afzenders en in verschillende formats.

Verzoeken van de OEM. Autofabrikanten eisen product carbon footprints van hun toeleveranciers. Zo'n verzoek volgt op een nominatie, de gunning van een programma of een deadline in een leveranciersportaal. De timing hangt dus af van de klant en niet van wetgeving, en je krijgt vaak weinig tijd. Het verzoek gaat per onderdeel en komt met het eigen sjabloon van de OEM en eigen regels over welke emissiefactoren je mag gebruiken.

Scope 3-vragenlijsten van klanten. De OEM, of een tier 1-leverancier boven jou, moet ook zelf over het bedrijf rapporteren en vraagt daarvoor cijfers op bedrijfsniveau. Het verzoek komt dan van dezelfde klant maar vraagt om een ander document, en vaak komen de twee verzoeken binnen een paar weken na elkaar.

Voor beide verzoeken heb je grotendeels dezelfde gegevens nodig: wat je inkoopt, bij wie, in welke hoeveelheid en met welke emissies in het product. Als je die gegevens één keer verzamelt, kun je ze voor allebei gebruiken. Daarom is het verstandig om het verzamelen van leveranciersdata als één programma aan te pakken en niet als twee losse projecten.

Valt jouw bedrijf eigenlijk wel onder CBAM?

Waarschijnlijk niet rechtstreeks. Zoek dat goed uit voordat je een programma met leveranciers opzet dat je misschien niet nodig hebt.

CBAM is een heffing op de emissies in goederen die in de EU worden ingevoerd, en de verplichting ligt bij de importeur. De definitieve fase is op 1 januari 2026 begonnen en geldt voor zes sectoren: cement, ijzer en staal, aluminium, kunstmest, elektriciteit en waterstof. CBAM gaat dus niet over het kopen van staal, maar over het invoeren ervan.

Beantwoord daarom drie vragen, in deze volgorde.

Ben jij de importeur? Als je metaal komt van een fabriek in de EU, of van een distributeur in de EU die de invoer zelf heeft gedaan, ben jij niet de importeur en hoef jij geen CBAM-aangifte te doen. De kosten liggen dan bij je leverancier, en je merkt ze in de prijs die je betaalt, niet in je eigen administratie. Voor de meeste tier 1- en tier 2-toeleveranciers die op de Europese markt inkopen, is de vraag daarmee beantwoord.

Als je wel invoert, hoeveel dan? Er geldt een drempel (de minimis) van 50 ton nettomassa aan CBAM-goederen per kalenderjaar, opgeteld per importeur, voor ijzer en staal, aluminium, kunstmest en cement. Blijf je daaronder, dan val je niet onder CBAM. Volgens de Europese Commissie valt daardoor ongeveer 90 procent van de importeurs buiten de regeling, terwijl ongeveer 99 procent van de emissies in ingevoerde goederen eronder blijft vallen. Voor elektriciteit en waterstof geldt geen drempel, maar dat is voor een fabrikant van onderdelen waarschijnlijk niet van belang. Bereken dus eerst hoeveel ton je per jaar invoert, voordat je leveranciers om gegevens gaat vragen.

Kom je boven de drempel, waar komt het cijfer dan vandaan? De verordening kent twee toegestane manieren. Je gebruikt de werkelijke emissies van de installatie die de goederen heeft gemaakt, en die moet een geaccrediteerde verificateur controleren. Of je gebruikt de standaardwaarden die de Commissie publiceert, en daarvoor geldt geen verificatieplicht. Bij kleine of incidentele invoer zijn de standaardwaarden vaak goedkoper, en ze staan als volwaardige methode in de verordening en zijn dus geen noodoplossing. Hoe dat in de praktijk werkt, lees je in CBAM, wat je moet weten.

Waar zitten de emissies van een automotive toeleverancier?

Ze zitten vooral in wat je inkoopt en veel minder in je eigen productie.

Ingekochte materialen zijn de grootste post, en metalen vooral. Bij de productie van staal, aluminium en gietstukken komt veel meer uitstoot vrij dan bij het bewerken ervan in jouw fabriek. Voor de meeste tier 1- en tier 2-toeleveranciers zijn ingekochte materialen verreweg het grootste deel van de voetafdruk.

Het energieverbruik van je fabriek is goed te meten, maar minder belangrijk. Omdat je het nauwkeurig kunt meten, steken teams er vaak te veel tijd in. Een nauwkeurig cijfer voor een klein deel van je emissies maakt de onzekerheid over het grote deel niet kleiner.

Transport telt mee, maar maakt zelden het verschil. Neem het op in je berekening, maar het verandert het cijfer per onderdeel meestal nauwelijks.

Voor een toeleverancier heeft dat een lastig gevolg, en het is goed om dat vroeg te weten. Hoe goed je een OEM kunt antwoorden, hangt af van hoe goed je eigen leveranciers jou antwoorden. Je zit in het midden van de keten: je stuurt het verzoek door naar je leveranciers en het antwoord door naar je klant. Wat je aan je klant kunt leveren, is nooit beter dan wat je zelf van je leveranciers krijgt.

Waarom kun je een OEM-verzoek niet met de voetafdruk van je bedrijf beantwoorden?

Omdat de twee verschillende dingen meten en je de ene niet in de andere kunt omrekenen.

De voetafdruk van een organisatie geeft de emissies van een rechtspersoon over een jaar. Een product carbon footprint geeft de emissies die bij één exemplaar van één onderdeel horen. Daarvoor leg je een functionele eenheid en een systeemgrens vast, en bepaal je hoe je de emissies van gedeelde processen verdeelt. Als je je jaartotaal deelt door het aantal geleverde stuks, heb je geen PCF, en een OEM die het cijfer beoordeelt, zal dat ook zeggen.

Het verzoekWat je nodig hebtWaar het vandaan komt
PCF per onderdeel voor de OEMFunctionele eenheid, systeemgrens, verdeling van gedeelde processen, cijfer per onderdeelStuklijst plus leveranciersdata plus energieverbruik van het proces
CBAM, alleen als je CBAM-goederen invoert boven 50 ton per jaarDe emissies in de zendingDe geverifieerde werkelijke emissies van de producent, of een standaardwaarde van de Commissie
Scope 3-vragenlijst van een klantInventarisatie op bedrijfsniveau, soms per categorieVoetafdruk van de organisatie
Je eigen reductieprogrammaInventarisatie op bedrijfsniveau met een vast basisjaarVoetafdruk van de organisatie

Uit de tabel blijkt dat je waarschijnlijk twee van deze documenten nodig hebt en niet drie, en dat ze op dezelfde gegevens zijn gebaseerd. Toeleveranciers die de twee met elkaar verwarren, besteden vaak een kwartaal aan het verkeerde document.

Wat moet de software kunnen?

De software moet vier dingen kunnen. Bij een vijfde punt hoort een kanttekening.

Leverancierspecifieke emissiedata opslaan, en niet alleen gemiddelden. Een OEM die om een PCF vraagt, accepteert meestal geen branchegemiddelde voor je belangrijkste grondstof als er een certificaat van de leverancier bestaat. Je hebt dus een plek nodig waar je de waarde uit dat certificaat opslaat en gebruikt.

Inkoopgegevens koppelen aan materialen. In je grootboek staan artikelnummers en bedragen in euro. Voor je voetafdruk heb je materialen en kilogrammen nodig. Het meeste werk zit in die omzetting.

Dezelfde methode gebruiken voor een heel modeljaar. Programma's lopen jaren. Je moet dan kunnen zien of een cijfer is veranderd doordat een bibliotheek met emissiefactoren is bijgewerkt of doordat je van leverancier bent gewisseld.

Laten zien hoe een cijfer is berekend. Bij een audit door de OEM moet je een cijfer kunnen onderbouwen en niet alleen noemen.

Het cijfer per onderdeel berekenen. Hier hoort de kanttekening bij. Platforms voor CO2-boekhouding, ook dat van ons, berekenen de voetafdruk van een organisatie. Een PCF maak je met een productmodel en is geen rapport dat je uit software exporteert.

Wat doet Hedgehog voor automotive toeleveranciers, en wat bieden we als dienst aan?

Met het platform richt je je berekening in volgens het GHG Protocol, plan je de dataverzameling, bouw je de inventarisatie op en maak je rapportages. Een AI-assistent begeleidt je daarbij, en in de app kun je terecht bij GHG-experts van vlees en bloed. Het platform bevat meer dan 20.000 spend-based en activity-based emissiefactoren. Voor deze sector is vooral belangrijk dat je eigen CO2-gegevens van je organisatie en van je leveranciers kunt toevoegen, zoals de waarde uit het certificaat van een staalleverancier. Met het beheer van meerdere entiteiten kun je verschillende fabrieken of rechtspersonen apart bijhouden. Voor een gratis account heb je geen verkoopgesprek nodig, en Pro kost vanaf EUR 1.200 per jaar.

Houd rekening met twee beperkingen voordat een nominatiedeadline eraan komt.

Productvoetafdrukken leveren we als dienst. LCA's, EPD's, MKI-berekeningen en PCF's zijn projecten die je met een specialist uitvoert, en geen functies in het platform. Bij Hedgehog doen we dat via LCA-advies en advies over de CO2-footprint. Omdat de OEM specifiek om een cijfer per onderdeel vraagt, is dit voor een lezer uit de automotive het belangrijkste punt van dit artikel. Het platform bouwt de inventarisatie van je organisatie en de verzameling leveranciersdata waarop het PCF-werk verder bouwt. De PCF zelf berekent het platform niet.

Het inladen van de data kost veel werk. Een reviewer uit het Small Business-segment schreef in augustus 2026 op G2 dat alles perfect werkt zodra de data erin staan, maar dat het inladen het lastigste deel is. Als je stuklijst duizenden rijen heeft en de certificaten van leveranciers als pdf in drie talen binnenkomen, moet je daar in het eerste jaar rekening mee houden. Reken op een kwartaal werk en niet op een week.

Waar begin je dit kwartaal mee?

Lees eerst het verzoek goed en bepaal om welk soort verzoek het gaat, voordat je iets aanschaft. Staan er woorden in als "per onderdeel", "per kilogram" of "functionele eenheid", dan gaat het om een productberekening. Staat er "scope 1, 2 en 3" of "emissies van het bedrijf", dan gaat het om de voetafdruk van je organisatie. Toeleveranciers besteden vaak een maand aan de verkeerde berekening.

Neem daarna de tien materialen waaraan je het meeste geld uitgeeft, en vraag die leveranciers schriftelijk naar de emissies van wat ze je leveren en hoe ze dat cijfer hebben berekend. Het duurt lang voordat je antwoord krijgt, en met die gegevens beantwoord je de vraag van de OEM rechtstreeks. Ben je voor een van die materialen ook zelf de importeur, dan gebruik je dezelfde gegevens ook voor CBAM.

Ondertussen kun je een gratis account aanmaken en de inventarisatie van je organisatie opbouwen op basis van het energieverbruik van je fabriek en je inkoopgegevens. Zo heb je een basis om mee verder te werken, en zie je snel hoeveel van je inkoopgegevens je aan materialen moet koppelen.

Bronnen: onze platformpagina en ons G2-profiel, allebei gelezen op 27 augustus 2026. CBAM-gegevens uit Verordening (EU) 2023/956 zoals gewijzigd bij Verordening (EU) 2025/2083 en de CBAM-pagina van de Commissie, geverifieerd op 16 september 2026: de zes sectoren die onder CBAM vallen, de definitieve fase vanaf 1 januari 2026, de drempel van 50 ton per jaar in artikel 2a en de keuze tussen werkelijke emissies en standaardwaarden in artikel 7(2). Sectorgegevens uit de industriefactenbasis van Hedgehog, geverifieerd op 17 september 2026. De regels voor CBAM veranderen regelmatig, dus vraag je douane-adviseur naar de actuele stand voordat je iets indient. Pagina geverifieerd op 17 september 2026.

Feiten op deze pagina zijn voor het laatst geverifieerd op 2026-09-17.

Frequently asked questions

No items found.

No items found.
Dit artikel is geschreven door:
Joost
Joost
Co-founder
EmailLinkedInBook a meeting

Neem contact op

Of je nu een grote of kleine onderneming bent, een start-up of een bedrijf met een lange historie; een product, proces of dienst aanbiedt, wij schakelen snel en vinden de oplossing voor jouw vraag.