In het kort
- Met de herziene drempels vallen de meeste energiebedrijven onder de CSRD. Hun emissierapportage wordt dus extern gecontroleerd en is geen marketingoefening.
- Market-based en location-based accounting geven twee verschillende cijfers die allebei correct zijn. Je rapporteert ze allebei en houdt ze gescheiden.
- De emissies van de energie die je verkoopt zijn meestal veel groter dan de emissies van je eigen bedrijfsvoering.
Met de herziene drempels vallen de meeste energiebedrijven onder de CSRD. Hun emissierapportage is dus niet vrijwillig en wordt extern gecontroleerd. De emissies van een energiebedrijf komen uit twee bronnen: scope 1 uit je eigen opwekking en bedrijfsvoering, en de emissies van de energie die je verkoopt, die meestal veel groter zijn dan al het andere. De software moet scope 2 zowel market-based als location-based kunnen berekenen, emissiefactoren voor de netstroom en de brandstofmix per jaar en per land bijhouden, en een audit trail opleveren waarmee je een assurance-verlener kunt laten zien hoe elk cijfer tot stand is gekomen.
Welke regel geldt voor een energiebedrijf, en wanneer?
Met de herziene drempels vallen de meeste energiebedrijven onder de CSRD. De richtlijn bepaalt hoe je de emissierapportage opzet, en dat heeft drie concrete gevolgen.
De rapportage wordt gecontroleerd. Een externe partij controleert niet alleen het totaal, maar ook de methode. Het is dus niet genoeg om een getal te produceren: je moet ook kunnen documenteren hoe je van de brondata bij dat getal bent gekomen.
De rapportage bevat vergelijkende cijfers. Je vergelijkt met eerdere jaren en past die cijfers zo nodig aan. Verander je de methode, dan meld je dat als methodewijziging. Zo ziet niemand het effect van de nieuwe methode aan voor een echte stijging of daling.
De rapportage gaat ook over de waardeketen. Je vraagt gegevens op bij je eigen leveranciers, en je afnemers vragen op hun beurt gegevens bij jou op. Kleinere partijen willen vaak één standaardformaat waarin ze maar één keer hoeven te rapporteren. Daarvoor is de VSME-standaard bedoeld.
Wie in een energiebedrijf verantwoordelijk is voor de wettelijke rapportages, kent deze werkwijze al. Je past dezelfde aanpak toe bij andere rapportages aan toezichthouders. Daarin heeft de energiesector een voorsprong op de meeste andere sectoren.
Waar zitten de emissies van de energiesector eigenlijk?
Ze zitten in twee posten die je zichtbaar gescheiden moet houden. Tel je ze bij elkaar op, dan krijg je een getal waar niemand iets uit kan afleiden.
Scope 1 uit opwekking en bedrijfsvoering. Dit zijn de verbranding in je eigen centrales, de lekverliezen uit netten en opslag, en je wagenpark. Dit deel heb je zelf in de hand, en de datakwaliteit is hier het hoogst, omdat opwekking nauwkeuriger wordt gemeten dan in welke andere sector ook.
De emissies van de energie die je verkoopt. Deze emissies ontstaan bij je klanten, en ze zijn meestal veel groter dan alles wat je zelf direct uitstoot. Je meet ze niet, maar berekent ze uit de verkochte volumes en de juiste emissiefactor.
Die scheve verhouding is typerend voor de sector. Een energieleverancier zonder eigen opwekking heeft bijna geen scope 1, maar kan toch een zeer hoog totaal hebben. Een producent met veel scope 1 kan er na een overstap op een andere brandstof beter uitzien, terwijl er bij de klanten niets is veranderd. Rapporteer je maar een van de twee posten, dan krijgen lezers van allebei een verkeerd beeld.
Waarom geven market-based en location-based verschillende antwoorden?
De twee methoden beantwoorden verschillende vragen, en daarom zijn beide uitkomsten correct.
Location-based rekent met de gemiddelde emissie-intensiteit van het elektriciteitsnet in het gebied waar de stroom is verbruikt. Deze methode laat zien hoe schoon het elektriciteitssysteem is waarop je bent aangesloten.
Market-based rekent met de contractuele instrumenten die bij je levering horen, zoals garanties van oorsprong, certificaten en power purchase agreements. Deze methode laat zien wat je hebt ingekocht.
| Aspect | Location-based | Market-based |
|---|---|---|
| Welke vraag het beantwoordt | Wat stootte het net uit? | Wat heb ik ingekocht? |
| Waar de uitkomst van afhangt | Nationale of regionale emissiefactor van het net | Certificaten en leveringscontracten |
| Wanneer de uitkomst verandert | Als de mix van het net verandert | Als je inkoop verandert |
| Zwak punt | Reageert niet op wat je inkoopt | Kan een daling laten zien zonder dat er fysiek iets verandert |
| Waar een assurance-review op let | Jaargang en land van de emissiefactor | Bewijs voor de instrumenten en geen dubbeltelling |
Rapporteer allebei de cijfers, in aparte velden en niet als één gecorrigeerd totaal. Een assurance-verlener wil ze toch afzonderlijk zien. Daalt je market-based cijfer terwijl het location-based cijfer gelijk blijft, dan kun je dat gewoon uitleggen. Je hoeft het niet te verbergen.
Daaruit volgen twee werkafspraken. Leg per rapportagejaar vast welke jaargang van de emissiefactoren je gebruikt, want de factoren voor het net worden pas achteraf gepubliceerd en later nog herzien. En bewaar het bewijs van de certificaten bij de invoer zelf. Juist als je een milieuclaim op certificaten baseert, doe je makkelijk onbedoeld een claim die onvoldoende onderbouwd is. Dat risico bespreken we in de EmpCo-checklist voor claims.
Wat moet de software opleveren voor een audit?
De software moet vijf dingen kunnen, en die eisen gaan verder dan wat een algemene tool meestal biedt.
Scope 2 standaard op beide manieren rapporteren. Market-based mag geen handmatige tweede berekening zijn. Behandelt een tool market-based als een correctie op het location-based cijfer, dan komt die tool niet door een review.
Emissiefactoren met een aparte versie per jaar en per land. Als je stroom in meerdere landen inkoopt, heb je meerdere factoren voor het net nodig. Het cijfer over vorig jaar moet berekend blijven met de factor van vorig jaar.
Gegevens per entiteit en per locatie die je kunt samenvoegen tot één totaal. Je productie-installaties, netgebieden en leveringsbedrijven moeten in één structuur passen, zonder dat energie die tussen die onderdelen wordt doorgeleverd dubbel wordt geteld.
Een traceerbare route van bronrecord naar gerapporteerd cijfer. Vraag om een export van één post waarin je de invoer, de factor en de berekening ziet.
Een manier om cijfers te herberekenen. Als een factor wordt herzien, moet je kunnen herberekenen terwijl het oorspronkelijk gepubliceerde cijfer zichtbaar blijft.
Wat doet Hedgehog voor energiebedrijven?
Het platform helpt je bij de opzet volgens het GHG Protocol, bij het maken van een dataverzamelplan en bij het opbouwen van je inventaris. In de app kun je terecht bij een AI-assistent en bij GHG-experts van Hedgehog. Het platform bevat meer dan 20.000 spend-based en activity-based emissiefactoren, en je kunt eigen CO2-gegevens van je organisatie of van leveranciers toevoegen. Zo leg je sectorspecifieke waarden vast. In het entiteitenbeheer richt je locaties en sites in, met rollen voor data-eigenaren, auditors en managers. Hedgehog noemt de CSRD, SECR en SB253 uitdrukkelijk als ondersteunde wetgeving.
Een gratis account open je zonder verkoopgesprek. Pro kost vanaf EUR 1.200 per jaar.
Het platform heeft drie beperkingen. Voor energiebedrijven is de eerste het belangrijkst om met ons te bespreken.
Je ziet de toegepaste factoren nog niet volledig. Een mid-market reviewer op G2 wilde in juli 2026 de omrekenfactor en de afstandsberekening zien die op de eigen invoer waren toegepast, om te kunnen controleren of een invoer in het platform overeenkwam met het oorspronkelijke bestand. Ben je verantwoordelijk voor de wettelijke rapportage en staat er een assurance-traject aan te komen, stel ons die vraag dan voordat je koopt. Vraag hoe een herleiding op het niveau van één post eruitziet en beoordeel dat zelf.
We zijn een emissieplatform en geen volledige ESG-suite. Een mid-market reviewer gaf ons op G2 in juni 2026 een 3,5 van de 5. Volgens die reviewer is het platform minder compleet voor bredere ESG- en CSRD-rapportage, omdat het geen functie heeft voor het beheer van databronnen en geen monitoring van decarbonisatiedoelen. De CSRD gaat over veel meer dan emissies. Het verschil staat uitgelegd in ESG-rapportagesoftware versus carbon accounting.
Het laden van data kost moeite. Een klant uit het kleinbedrijf schreef op G2 in augustus 2026 dat alles perfect werkt zodra de data erin staat, maar dat het laden van die data het lastige deel is.
Productfootprints, dus LCA-, EPD-, MKI- en PCF-werk, leveren onze mensen als dienst en vallen niet onder het abonnement. Het platform berekent footprints op organisatieniveau.
Wat moet je eerst doen?
Bepaal en documenteer je scope 2-beleid voordat je iets berekent: welke instrumenten je meetelt, aan welk land of gebied je het verbruik toewijst en welke jaargang van de emissiefactoren je vastlegt. Doe je dat pas als de cijfers er al zijn, dan moet je alles opnieuw berekenen.
Stel daarna voor één rapportagejaar beide scope 2-cijfers op en leg ze samen met je methode vroeg voor aan de partij die ze gaat controleren. Een bezwaar van een assurance-verlener los je in oktober veel goedkoper op dan in maart.
Je kunt een gratis account aanmaken en testen hoe het platform scope 2 met je echte leveringsdata zowel market-based als location-based rapporteert. Wil je de vraag over traceerbaarheid eerst met iemand bespreken, plan dan een gesprek. Als je de bredere inventaris samen met ons wilt opbouwen, kan dat via onze dienst carbon footprint consulting.
Bronnen: GHG Protocol Corporate Standard en Scope 2 Guidance (gelezen op 17 september 2026), de EU Corporate Sustainability Reporting Directive zoals herzien en ESRS 1 (gelezen op 17 september 2026), Hedgehog platform, Hedgehog op G2. Feiten over Hedgehog en G2 gecontroleerd op 27 augustus 2026.
Feiten op deze pagina zijn voor het laatst geverifieerd op 2026-09-17.



